Examen reglement

Inleiding
Het CIBG heeft aan de Universiteit Utrecht en de Rijksuniversiteit Groningen de opdracht verstrekt toetsing en scholing te ontwerpen met als doel om met betrekking tot beroepsbeoefenaren die niet voldoen aan de op grond van artikel 8 Wet BIG gestelde eisen voor hernieuwde inschrijving in het register van apothekers, vast te stellen dat betreffende beroepsbeoefenaren het basiskennisniveau van apotheker beheersen.Bij een positief oordeel ontvangt de beroepsbeoefenaar het Periodiek Registratie Certificaat (PRC) op grond waarvan betreffende beroepsbeoefenaar kan worden ingeschreven in het register van apothekers voor de periode van vijf jaar. 

Stichting Nationaal PAO-Centrum Farmacie (hierna te noemen PAOFarmacie) verzorgt, in opdracht van de Universiteit Utrecht en de Rijksuniversiteit Groningen, de scholing en de toetsing voor het verkrijgen van het Periodiek Registratie Certificaat. De wederzijdse afspraken omtrent de uitvoering van deze opdracht zijn vastgelegd in de overeenkomst tussen PAOFarmacie en VWS.

Het Examenreglement is per 1 januari 2015 in werking getreden en per 1 juli 2017 is een gewijzigde versie vastgesteld door de Directeur PAOFarmacie.

Examenreglement toets BIG-Herregistratie
 

Artikel 1 - Begripsomschrijvingen
Examencommissie
De door het bestuur van  PAOFarmacie ingestelde commissie die is belast met het opstellen en beoordelen van de toets, het afnemen van de toets en de uitvoering van dit Reglement en de overige taken en bevoegdheden, genoemd in dit Reglement.

Examinator
Een deskundige die door de examencommissie is aangezocht om toetsvragen op te stellen, toetsen af te nemen, de individuele resultaten van toetsen te beoordelen en de uitslag van deze toetsen vast te stellen. 

Kandidaat
Degene die schriftelijk is ingeschreven voor een toets.

Toets
Een toets of verzameling van toetsen die wordt afgelegd, teneinde vast te stellen of de kandidaat de vereiste competenties heeft verworven.

Artikel 2 - Reikwijdte examenreglement
Dit examenreglement is van toepassing op de toetsen die door PAOFarmacie volgens opdracht worden aangeboden ten behoeve van het verkrijgen van het Periodiek Registratie Certificaat.

Artikel 3 - Samenstelling Examencommissie

  1. De Examencommissie wordt benoemd door het bestuur van PAOFarmacie en bestaat uit drie leden, waarvan één lid wordt benoemd namens de Universiteit Utrecht, één lid namens de Rijksuniversiteit Groningen en één extern lid. 
  2. De leden van de Examencommissie zijn betrokken bij de opleiding tot apotheker of zijn als apotheker werkzaam. 
  3. De Examencommissie benoemt uit haar midden een voorzitter.
  4. De Examencommissie komt ten minste eenmaal per jaar bijeen en verder zo vaak als noodzakelijk wordt geacht ter afhandeling van zaken die aan de Examencommissie worden voorgelegd.
  5. De leden van de Examencommissie hebben niet tevens zitting in het bestuur van de KNMP of PAOFarmacie.
  6. Aan de Examencommissie wordt een secretaris toegevoegd. De secretaris maakt geen deel uit van de Examencommissie.

Artikel 4 - Taken van de Examencommissie
De taken van de Examencommissie zijn:

  1. het borgen van de kwaliteit van de toetsing;
  2. het vaststellen of een kandidaat mag deelnemen aan de toets;
  3. het aanwijzen van Examinatoren voor het afnemen van de toets;
  4. het doen van onderzoek en eventueel nemen van maatregelen in geval er met betrekking tot een toets sprake is van onregelmatigheden; 
  5. het vaststellen van de uitslag van een toets;
  6. het uitreiken van het certificaat als bewijs dat een toets met goed gevolg is afgelegd;
  7. het nemen van beslissingen in gevallen, waarin dit reglement niet voorziet of waarin de uitvoering van een of meer bepalingen leidt tot onredelijke of onbillijke gevolgen voor een of meer kandidaten;
  8. het jaarlijks vaststellen van een aan het bestuur van PAOFarmacie en opdrachtgevers te leveren verslag van de werkzaamheden.

Artikel 5 - Toelatingseisen

  1. Personen die in het bezit zijn van een in Nederland erkend apothekersdiploma, maar niet in aanmerking komen voor directe herregistratie in het BIG-register, kunnen zich inschrijven voor de toets.
  2. Deelname aan de toets is voor eigen rekening en risico.
  3. Deelname aan de toets staat slechts open voor diegene, die zich hiervoor heeft aangemeld via de website van PAOFarmacie.
  4. De Examencommissie maakt ten minste twee maanden vóór de toetsdatum bekend op welke wijze de toets zal worden afgenomen en welk materiaal bij de toets gebruikt mag worden.
  5. Alleen de examencommissie is bevoegd om vast te stellen of een kandidaat in de gelegenheid wordt gesteld om een tentamen af te leggen in een andere vorm dan is vastgesteld.

Artikel 6 - Toetscriteria en toetsvorm

  1. De toetsen worden opgesteld en beoordeeld onder verantwoordelijkheid van de Examencommissie, die daarbij de bepalingen van dit examenreglement en de hiervoor opgestelde criteria in acht neemt.
  2. De toetscriteria, uitgedrukt in leerdoelen/ eindtermen en de opbouw van de toets, staan vermeld op de website van PAO-Centrum Farmacie bij Leerdoelen.
  3. De toets wordt schriftelijk afgenomen in de vorm van meerkeuzevragen. 

Artikel 7 - Waardering van toetsonderdelen

  1. De beoordeling wordt vastgesteld met een voldoende of onvoldoende.
  2. Bij het vaststellen van de beoordeling van een toets die uitsluitend uit vierkeuzevragen bestaat wordt rekening gehouden met een gokkans van 25% en een reëel kennispercentage van 55%. Naast de beoordeling wordt ook de score (aantal antwoorden goed en fout) bekend gemaakt.
  3. Een toets is met goed gevolg afgelegd als een voldoende is toegekend.

Artikel 8 - Termijn beoordeling

  1. De Examencommissie informeert de kandidaat uiterlijk vier weken na het afleggen van de toets per e-mail over de uitslag van de toets. 
  2. Bij een voldoende resultaat wordt het certificaat binnen drie weken, nadat de uitslag bekend is gemaakt, toegezonden aan de kandidaat.

Artikel 9 - Orde tijdens de toets

  1. De Examinator draagt er zorg voor dat de toets in goede orde verloopt. 
  2. De Examinator kan zelf bij de toets aanwezig zijn of hiervoor een surveillant benoemen.
  3. De kandidaat is verplicht zich op verzoek van of vanwege de Examinator te legitimeren door overlegging van een geldig bewijs van inschrijving en een geldig legitimatiebewijs.
  4. Indien de kandidaat zich niet kan legitimeren wordt hij uitgesloten van deelname aan de toets.
  5. Aanwijzingen van de Examinator, dan wel de surveillant, dienen te worden opgevolgd door de kandidaat. 
  6. Een kandidaat wordt na het aanvangstijdstip van de toets niet meer toegelaten tot de toets. 
  7. De toets mag op geen enkele wijze worden gekopieerd. Tevens mogen de toetsopgaven niet mee worden genomen.
  8. De Examinator is bevoegd kandidaten die zich voor, tijdens en/ of na de toets aantoonbaar aan bedrog hebben schuldig gemaakt van (verdere) deelname aan de toets uit te sluiten.
  9. Indien één of meer toetsonderdelen of een gehele toets naar het oordeel van de Examencommissie niet op de voorgeschreven wijze zijn afgelegd, dan wel indien het afnemen van een onderdeel of een toets niet op behoorlijke wijze is geschied, verklaart de Examencommissie de toets of het desbetreffende onderdeel daarvan ongeldig.
  10. Gebruik van ander materiaal dan, zoals op grond van het vierde of vijfde lid van artikel 5 door de Examencommissie is bepaald, is niet toegestaan. De surveillant is gerechtigd om het niet toegestane materiaal in beslag te nemen. 
  11. Een kandidaat met een functiebeperking, die gebruik wil maken van een speciale voorziening voor toetsing of speciaal ondersteunend materiaal, dient hiervoor tijdig bij de examencommissie een verzoek in te dienen. 

 Artikel 10 - Inzagerecht

  1. Gedurende maximaal 15 (vijftien) werkdagen na bekendmaking van de uitslag van een toets krijgt de kandidaat op zijn verzoek inzage in het beoordeelde werk. 
  2. Niets van het werk dat wordt ingezien mag op enigerlei wijze worden gekopieerd.
  3. Binnen 10 (tien) werkdagen nadat de kandidaat inzage heeft gehad in het beoordeelde werk kan de kandidaat via de Examencommissie een verzoek indienen de beoordeling van de toets te herzien. Het verzoek wordt voorgelegd aan de Examinator. 
  4. Binnen 10 (tien) werkdagen na ontvangst van het verzoek tot herziening deelt de Examencommissie het, met redenen omkleed, besluit van de Examinator schriftelijk mee aan de kandidaat. 
  5. Indien de Examinator geen besluit kan afgeven binnen de hiervoor gestelde 10 werkdagen wordt dit zo spoedig mogelijk aan de kandidaat meegedeeld met vermelding van de termijn waarbinnen het besluit zal worden afgegeven. 
  6. Indien de kandidaat het niet eens is met het besluit van de Examinator zoals bedoeld in het voorgaande lid kan de kandidaat, bezwaar aantekenen bij de Examencommissie. 
  7. Indien de Examinator naar aanleiding van een verzoek zoals bedoeld in het 2e lid besluit tot een herbeoordeling van de toets dan heeft deze herbeoordeling gevolgen voor alle kandidaten die dezelfde toets hebben gemaakt.

 Artikel 11 - Bezwaar en beroep

  1. Een kandidaat kan tegen de uitslag van de toets bezwaar aantekenen.
  2. Een bezwaar dient binnen 20 werkdagen (vier weken) na dagtekening van de uitslag, voorzien van inhoudelijke argumenten betreffende de toets, schriftelijk kenbaar te worden gemaakt bij het secretariaat van de Examencommissie.
  3. Een bezwaar dat wordt aangetekend nadat de kandidaat een verzoek heeft ingediend om de beoordeling van de toets te herzien, zoals bedoeld in artikel 10, dient binnen 10 werkdagen nadat het besluit van de Examinator aan de kandidaat is meegedeeld, bij de Examencommissie te worden ingediend.
  4. De Examencommissie kan voor de behandeling van het bezwaar eventueel deskundigen raadplegen.
  5. Het besluit van de Examencommissie wordt schriftelijk aan de kandidaat meegedeeld.
  6. De uitspraak van de Examencommissie is bindend.
  7. Een beslissing op een bezwaar richt zich enkel tot de indiener van het bezwaar. 

 Artikel 12 - Klachten

  1. Een kandidaat die een klacht wenst in te dienen die betrekking heeft op de organisatie voor, tijdens of na het afleggen van de toets, dient de klacht binnen twee weken na de examendatum schriftelijk in te dienen bij de Examencommissie. 
  2. De klacht zal door of namens de Examencommissie worden onderzocht, waarbij partijen zo nodig worden gehoord.
  3. De Examencommissie deelt de beslissing  omtrent een klacht, met redenen omkleed, schriftelijk mee aan de kandidaat en stuurt een afschrift hiervan aan de Examinator.
  4. Er kan geen klacht worden ingediend met betrekking tot de inhoud van de toetsvragen. Hiervoor dient de bezwaarprocedure gevolgd te worden zoals omschreven in artikel 10 een 11 van dit Reglement.

 Artikel 13 - Bewaren toets en geheimhouding

  1. De Examencommissie bewaart de schriftelijke toetsen en de beoordeling hiervan gedurende ten minste 12 (twaalf) maanden na het afleggen van de toets.
  2. De resultaten van de toets, op grond waarvan de examencommissie heeft besloten dat aan de kandidaat een PRC uitgereikt kon worden, worden ten minste drie jaar bewaard.
  3. Een ieder die betrokken is bij de uitvoering van dit reglement en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij/ zij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs kan vermoeden, is verplicht tot geheimhouding.

 
Artikel 14 - Onvoorziene omstandigheden

  1. In gevallen waarin dit reglement niet voorziet en waaromtrent een onmiddellijke beslissing noodzakelijk is, beslist de Examencommissie. Deze deelt zijn beslissing zo spoedig mogelijk mee aan de betrokkenen.

Artikel 15 - Overgangs- en slotbepalingen

  1. Dit examenreglement kan worden aangehaald als: Examenreglement Toetsing PRC.
  2. Met de vaststelling van dit Examenreglement komen voorgaande versies van dit Reglement te vervallen.

Aldus vastgesteld door de directeur PAOFarmacie in opdracht van het bestuur PAOFarmacie.
Zeist, 1 juli 2017

Download examenreglement

Toelichting
De herregistratietoetsen worden in opdracht van de Universiteit Utrecht en de Rijksuniversiteit Groningen georganiseerd door de Stichting Nationaal PAO-Centrum Farmacie (PAOFarmacie). 
PAOFarmacie fungeert in deze als de opleidingsinstelling en heeft ter bewaking van de kwaliteit van de toetsen, de organisatie en de te volgen procedures rondom het toetsen en beoordelen een onafhankelijke Examencommissie ingesteld.
PAOFarmacie is inhoudelijk niet betrokken bij het samenstellen van de toetsen. De toetsen worden samengesteld door Examinatoren die hiervoor aangewezen worden door de Examencommissie.
Het Examenreglement is opgesteld door de Examencommissie in overleg met PAOFarmacie en vastgesteld door de Directeur PAOFarmacie.

Het inzagerecht
Kandidaten kunnen inzage vragen in het beoordeelde werk om te zien wat er precies verkeerd is gegaan en wat het juiste antwoord had moeten zijn. De kandidaat kan zich met deze kennis voorbereiden op de herkansing. Naar aanleiding van de bevindingen tijdens de inzage kan de kandidaat de Examinator verzoeken de beoordeling te herzien. Dit verzoek wordt ingediend bij de Examencommissie die het verzoek voorlegt aan de Examinator.

  • De Examinator dient zo spoedig mogelijk een antwoord te geven op het verzoek. Indien beantwoording meer tijd vraagt dan de in het derde lid van artikel 10 bedoelde 10 werkdagen dan wordt dit zo spoedig mogelijk aan de kandidaat meegedeeld. Er moet aangegeven worden wanneer het antwoord te verwachten valt. Hiervoor staat een redelijke termijn wat inhoudt dat het uitstellen van het antwoord niet te lang op zich mag laten wachten. Slechts op grond van zeer bijzondere omstandigheden is een verdubbeling van de antwoordtermijn acceptabel te achten.
  • De inzage en een eventuele herbeoordeling door de Examinator beslaan een termijn van 35 werkdagen (7 weken).
  • Na het antwoord van de Examinator kan de kandidaat een bezwaar indienen. De bezwaarprocedure is opgenomen in artikel 11.
  • Een wijziging kan inhouden dat een vraag vervalt of dat er meerdere antwoorden goed worden gerekend. Hierop word de einduitslag aangepast. De aanpassing van de einduitslag heeft gevolgen voor alle kandidaten die dezelfde toets hebben gemaakt. Het heeft echter niet tot gevolg dat een kandidaat met een voldoende resultaat na de herziening een onvoldoende behaalt.

Bezwaarprocedure
Voor het indienen van een bezwaar is het niet noodzakelijk dat de kandidaat vooraf inzage en een herbeoordeling heeft gevraagd zoals bedoeld in artikel 10. Ook zonder inzage is een bezwaar dus mogelijk.

  • De Examencommissie geeft een onafhankelijke beoordeling ten aanzien van het bezwaar. Voor zover het bezwaar zich richt tegen de inhoud van de toetsvragen wordt het bezwaar voorgelegd aan de examinator. De Examencommissie kan zo nodig een deskundige raadplegen. Dit naar oordeel van de Examencommissie.
  • De afhandeling van een bezwaar is schriftelijk tenzij de Examencommissie anders beslist.

Termijnen voor het indienen van een bezwaar
a) Na inzage

  • Binnen 15 werkdagen na het bekend worden van de toetsresultaten kan de kandidaat inzage krijgen in de door de kandidaat gemaakte toets.
  • Na inzage krijgt de kandidaat 10 werkdagen de tijd om een verzoek tot herbeoordeling in te dienen.
  • De Examinator reageert hierop binnen 10 werkdagen.
  • Binnen 10 werkdagen na het antwoord van de Examinator kan de kandidaat een bezwaar indienen bij de Examencommissie.
  • Indien de kandidaat gebruik maakt van de mogelijkheid tot bezwaar en een verzoek tot herbeoordeling is er, gerekend vanaf de datum waarop de toetsresultaten bekend zijn gemaakt, sprake van een termijn van 45 werkdagen (9 weken) waarbinnen het bezwaar moet worden ingediend.

b) Bezwaar zonder inzage

  • Indien de kandidaat een bezwaar indient zonder dat er inzage is geweest in de toets bedraagt de termijn vanaf de datum waarop de toetsresultaten bekend worden gemaakt en de mogelijkheid voor het indienen van een bezwaar totaal 20 werkdagen (vier weken).
Resultaat bekend bezwaar na inzage                       Datum X  Totaal termijn
Artikel 10 - Inzage                                  15 werkdagen na X                               15                   
Verzoek voor  herbeoordeling                      10 dagen na inzage                            25           
Besluit Examinator                  10 dagen na ontvangst verzoek                                          35         
Artikel 11 lid 3; Indienen bezwaar                                10 dagen na ontvangst besluit Examinator                                        45*
     
Resultaat bekend bezwaar zonder inzage  Datum X   
Artikel 11 lid; Bezwaar 20 werkdagen na X  

 * de termijn wordt verlengd indien de Examinator meer tijd nodig heeft dan de hiervoor gestelde 10 werkdagen.

Verschil klacht en bezwaar
In artikel 13 is de mogelijkheid voor het indienen van een klacht opgenomen. Een klacht betreft de organisatie van de toets en alles daaromheen maar uitdrukkelijk niet de inhoud van de toetsvragen. Hierbij moet worden gedacht aan storende geluiden tijdens de toets, te veel of te weinig licht in de zaal, de temperatuur in de zaal, de tijd waarop de toetsdatum en -tijd bij de kandidaat bekend zijn gemaakt, de informatie die er over de toets is verstrekt ter voorbereiding, etc..

Geen beroep mogelijk
Het besluit van de Examencommissie op een bezwaar is bindend. Er is geen mogelijkheid voor het indienen van een beroep tegen dit besluit bij een andere instantie. 
 
Examencommissie
Prof. dr. Marcel) M.L. Bouvy, voorzitter, lid namens UU en RUG
Drs. A. ((Annemarie) Heersche, lid namens UU
Mr. J.A. (Jurriane) Rendering, extern lid
Drs. H. (Hans) van Son, secretaris

Klachten kunnen schriftelijk worden ingediend bij de secretaris van de examencommissie                                                     
h.vanson@paofarmacie.nl

Terug